Watergevoeligheid
Een indicatie van de duurzaamheid van asfalt kan worden verkregen door van proefstukken de watergevoeligheid te bepalen. Hiertoe wordt een subset van een serie cilindrische asfaltproefstukken gedurende een bepaalde tijd in een waterbad met een temperatuur van 40 ºC bewaard en een subset proefstukken ondergaat geen conditionering. Van deze proefstukken worden vervolgens de splijteigenschappen bepaald. De verhouding tussen de splijtsterktes van geconditioneerde en ongeconditioneerde proefstukken geeft de watergevoeligheid aan van het asfalt (Indirect Tensile Strength Ratio).
Proefstukvervaardiging
De proefstukken voor de functionele proeven dienen onder andere vanwege de benodigde afmetingen op een andere wijze bereid te worden dan in het verleden gebruikelijk. De proefstukken voor de triaxiaalproef en de splijtproef (watergevoeligheid) kunnen met behulp van een gyrator worden vervaardigd. Met een gyrator worden proefstukken op een meer ‘natuurlijke’ wijze gefabriceerd dan met de traditionele Marshall-methode. Het asfalt wordt als het ware gekneed tot de gewenste dichtheid, net zoals het in de praktijk onder de wals gebeurt. Als bijzonderheid kan vermeld worden dat het met deze methode mogelijk is de weerstand tegen verdichting (shear) te meten. De proefstukken voor de vierpuntsbuigopstelling worden met behulp van een asfaltplaatverdichter geproduceerd. De plaatverdichter simuleert een walssegment, welke het asfalt rollend verdicht. De asfaltplaten worden nauwkeurig op maat gezaagd tot proefstukken van 450 x 50 x 50 mm.
Voor meer informatie kunt u de leaflet
Asfaltproeven CE-markering downloaden.